Bekijk profielpagina

Achter de cijfers - Editie #94: alles over het nieuwe pensioen: het plan, de compensatie, de kortingen en de ontvangst

Revue
 
Eindelijk ligt er een uitwerking van het pensioenakkoord van vorig jaar. Wat houdt dat precies in? Zi
 

Achter de cijfers

13 juni · Editie #94 · Bekijk online
Econoom en journalist Martin Visser praat je wekelijks bij. Wat is het verhaal achter de cijfers? Over pensioenen, lonen en arbeidsmarkt, over robotisering, flexibilisering, over de problemen van de middenklasse, over de houdbaarheid van de euro én van de EU. Links, cijfers en duiding.

Eindelijk ligt er een uitwerking van het pensioenakkoord van vorig jaar. Wat houdt dat precies in? Zijn alle pijnpunten opgelost? Of moet de uitwerking ook nog worden uitgewerkt? In vier episode loods ik je door de mistige wereld van de uitwerking van een pensioenakkoord. Hoe ziet het nieuwe pensioen eruit? Hoe worden gedupeerden gecompenseerd? En wat vinden de achterbannen ervan?
Veel leesplezier!

Nieuw pensioen
Waar gaat het heen?
Waar gaat het heen?
Het had wat voeten in de aarde, maar na een jaar praten is het minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken, werkgevers en vakbonden gelukt het pensioenakkoord van vorig jaar juni uit te werken. Het werd vrijdag aan het begin van de avond gepresenteerd. Nou ja, gepresenteerd… Koolmees en de poldervoorzitters stonden kort de pers te woord en naar de precieze inhoud moest je maar een beetje raden.
Koolmees maakte duidelijk dat details later bekend zouden worden. Vragen over techniek - waar de pijnpunten de afgelopen weken zaten - woof hij weg. Dat werd allemaal veel te ingewikkeld. Wacht die brief aan de Tweede Kamer van eind volgende week maar af. Voor journalisten die dit dossier van dag tot dag volgen was dat nogal frusterend. En hoe dachten de vakbonden met al deze vaagheid hun achterbannen denken te overtuigen?
Uiteindelijk kwam er na tien uur een appje binnen waarin één van de betrokkenen het overeengekomen stuk doorspeelde. De uitwerking waarover een jaar is gesproken bleek vooralsnog uit 5 pagina’s te bestaan. Daar moeten alle pensioendeelnemers en de achterbannen het voorlopig mee doen. En na een volle pagina herhaling van het pensioenakkoord van juni vorig jaar volgen er dan 4 pagina’s met iets concretere informatie.
Blijkbaar had ik tijdens de perspresentatie wat moeten smoezen met de FNV-onderhandelaar om een paar details toegespeeld te krijgen:
TuurElzinga
@martinvisser, ik miste je al bij de persbriefing. Je collega’s heb ik uitgebreid met antwoorden op de meer technische vragen te woord gestaan...

Analyse: een pensioendeal vol dikke mist https://t.co/PADJvt78x7 via @telegraaf
(Lees hier mijn analyse van de uitwerking van het pensioenakkoord.)
Nieuw pensioen (2) - het plan
Nou goed, chagrijn opzij en lezen maar. Wat houdt dat nieuwe pensioen nu precies in? Zoals al een tijd bekend hebben de onderhandelaars in januari het model uit het pensioenakkoord overboord gegooid. Toen was dit nog het plan:
“Het nieuwe pensioencontract is een premieovereenkomst waarbij direct voorwaardelijke pensioenaanspraken ingekocht worden. (…) De toegezegde premie wordt direct omgezet in een voorwaardelijke, stabiele pensioenaanspraak.”
Dit pensioen wijkt zo weinig af van wat we nu hebben dat de onderhandelaars er toch niet mee uit de voeten konden. Er komt weliswaar meer onzekerheid, maar bij een ingekochte pensioenaanspraak moet nog steeds met de strenge rekenrente gewerkt worden - en dat kwamen de onderhandelaars destijds overeen in het pensioenakkoord.
Nu wordt elke zekerheid losgelaten en is er ook geen pensioenaanspraak meer. Het plan is zogezegd ‘doorontwikkeld’, in de terminologie van de polder:
“Deze nieuwe solidaire pensioenregeling werkt niet meer met ‘aanspraken’ en (dus) ook niet meer met verplichtingen voor het pensioenfonds. Wel is er nog steeds sprake van één collectief tussen actieven, gepensioneerden en slapers. Voor de relatie tussen de afgesproken premie en het te verwachten pensioen en doelstellingen daaromtrent, voor de communicatie over het te verwachten pensioen en voor de fiscale begrenzing wordt gewerkt met een projectiemethode. Er is geen sprake meer van de (risicovrije) rekenrente en dekkingsgraden.”
Deze uitruil vond begin dit jaar plaats. Als de vakbonden dat laatste restje zekerheid zouden inleveren (geen aanspraak meer) dan kon toezichthouder DNB de rekenrente loslaten. Hiermee wordt het pensioen veel minder renteafhankelijk. Wel gaat het dan meebewegen op de golven van de beurs.
Pensioendeelnemers krijgen wel een verwacht pensioen voorgerekend, op basis van een 'projectierendement’. Dat is natuurlijk een handige knop om aan te draaien. Hoe hoger dat projectierendement wordt vastgesteld, hoe fraaier het verwachte pensioen eruit ziet. Maar hoe groter de kans op tegenvallers. De vakbonden schermen ermee dat er straks vaker mee- dan tegenvallers zullen zijn. In het akkoord staat dat zo:
“ Ingegane pensioenen kunnen – vaker dan nu – worden verhoogd. Als het economisch meezit, moet dit zichtbaar zijn in het pensioen. Maar als het tegenzit ook.”
Mee- en tegenvallers worden uitgesmeerd over meerdere jaren. Steeds was sprake van een periode van tien jaar. In het akkoord blijft dat vaag:
“Mee- en tegenvallers kunnen in de tijd worden gespreid. Financieel slechte jaren worden hierdoor gecompenseerd door goede jaren.”
Ook vaag is het zogenaamde solidariteitsfonds. Een deel van de premie wordt in deze collectieve pot gestort. Dat zou 10% zijn, werd gesteld, maar ook dat staat niet in het akkoord. En wanneer dit fonds uitkeert, is ook onduidelijk:
“Dit is een collectief (niet toebedeeld) vermogen dat wordt gevuld uit premies en/of overrendement. Met dit begrensde vermogen worden risico’s binnen en ook met toekomstige generaties volgens duidelijke en evenwichtige regels over leeftijdsgroepen gedeeld.”
Welke regels? Zou dat geen onderdeel moeten zijn van de uitwerking voorover een jaar is gepraat? Dat zullen ook wel weer details zijn waarop we moeten wachten. 
Nieuw pensioen (3) - compensatie
En dan de overgangsproblemen. Juist daarover werd de afgelopen weken voortdurend gesproken. Zijn die problemen dan nu opgelost? Het schijnt van wel, maar naar de manier waarop is het gissen.
Twee pijnpunten: hoe worden werknemers gecompenseerd die de dupe zijn van een nieuwe premiesystematiek? En welk regime geldt in de komende jaren, oftewel: blijven kortingen dreigen en kan er nog steeds niet worden geïndexeerd tot het nieuwe pensioen er is?
Eerst die premie. Nu bestaat er doorsneesystematiek bij pensioenfondsen. Jonge werknemers betalen evenveel premie als oudere werknemers, maar krijgen daar ook dezelfde pensioenopbouw voor. Daarmee subsidiëren ze als het ware die oudere werknemers, omdat hun inleg veel langer kan renderen. Minister Koolmees wil het pensioen persoonlijker maken en dus zouden jongeren de pensioenopbouw moeten krijgen die bij hun premie hoort.
Maar als je daar een streep doorheen zet lopen grote groepen werkenden hun ‘subsidie’ van jongeren mis. Het kantelpunt zit bij 45 jaar. De gedupeerden zitten dus grofweg bij de 35 tot 55-jarigen. Totale schade kon volgens eerdere berekeningen €60 miljard belopen. In het pensioenakkoord is vorig jaar afgesproken dat dit 'adequaat’ moet worden gecompenseerd.
En wat is er nu dan na een jaar praten afgesproken?
“De negatieve effecten als gevolg van de afschaffing van de doorsneesystematiek worden veelal opgeheven door de (positieve) effecten van andere verdeelregels in het nieuwe contract. In het geval van een nadeel is afgesproken dat er een adequate compensatie moet komen.”
Opnieuw: adequaat compenseren. Is dat alles? Ja, dat is alles. ABN Amro-econoom Piet Rietman reageert verrast:
“Er lijken geen heel concrete plannen te zijn voor de transitie naar het nieuwe stelsel. Als compensatie voor de afschaffing van de doorsneesystematiek lijkt er vrij vertaald te zijn afgesproken 'er is niet echt compensatie nodig en als die toch nodig is overleggen we daar nog over’.”
Bij verzekeraars (1,3 miljoen pensioendeelnemers) speelt er heel specifiek probleem. Tot gaat over circa €7 miljard. De verzekeraars hebben al een nieuw, modern pensioen. Zij kennen geen transitie naar een nieuw stelsel en ook niet de mogelijkheid om in die transitie te schuiven met miljarden, zoals de pensioenfondsen wel kunnen doen. (In jargon: de dubbele transitie.)
Verzekeraars heffen een leeftijdsafhankelijke premie. Jongeren betalen minder premie voor hun opbouw, ouderen meer. Maar ook hier wil Koolmees per se een vlakke premie voor iedereen. Dat zou betekenen dat voor oudere werknemers straks te weinig premie wordt geheven en ze een pensioengat krijgen. De werkgevers probeerden dit financiële probleem op het bordje van het kabinet te schuiven. Die zou de compensatie moeten voorfinancieren. Dan zou vanuit een iets te hoge premie in tien, twintig jaar die zoveel miljard worden terugbetaald. Maar daar had minister Wopke Hoekstra van Financiën geen trek in.
Nu is de oplossing: laat de twee systemen naast elkaar bestaan. Voor huidige werknemers blijft de gestaffelde premie en voor nieuwe werknemers geldt de nieuwe, vlakke premie. Zo staat dat in het akkoord:
“Dat betekent dat voor huidige deelnemers in DC-regelingen (die premieregeling via verzekeraars, MV) er geen compensatieproblematiek is. Uitgangspunt is dat voor nieuwe medewerkers geen versobering van de regeling is beoogd. Daarmee biedt het rust en vertrouwen en geen hoge compensatielasten voor deze werknemers en werkgevers. Deze regeling vergt nadere uitwerking.”
Let op het laatste zinnetje. De uitwerking van het pensioenakkoord vergt nadere uitwerking. Het Verbond van Verzekeraars heeft al gereageerd. Zij voorzien veel gedoe en complexiteit en ongelijke behandeling van werknemers:
“Bij zo’n overgangsregime moet een werkgever twee pensioenregelingen gaan aanbieden: een voor bestaande en een voor nieuwe werknemers. Dat betekent deze werkgevers, vaak in het MKB, gedurende tientallen jaren worden opgezadeld met onnodig hoge kosten en onnodig complexe en niet uitlegbare regelingen. Het is volgens het Verbond niet te verkopen dat twee werknemers van dezelfde leeftijd bij dezelfde werkgever straks een verschillende pensioenpremie krijgen.”
Dan pijnpunt twee: het overgangsregime. Worden de soepele regels van het nieuwe pensioen toegepast op het huidige? Mij lijkt dat overigens geen goed idee, maar voor vakbonden is dat de manier om gepensioneerden indexatie in het vooruitzicht te stellen. Er geldt nu een overgang van 2022 tot 2026. Dat betekent dat voor sommige pensioenfondsen het nog zes jaar duurt voordat het nieuwe regime ingaat.
In het akkoord blijkt hierover niets geregeld te zijn. Het woord indexatie komt er niet in voor. Hier moeten gepensioneerden het mee doen:
“Het is daarnaast van belang dat fondsen op een verantwoorde en evenwichtige wijze kunnen overstappen naar het nieuwe stelsel. Bij indiening van het wetsvoorstel zal in gesprek met relevante partijen een ingroeipad naar het nieuwe stelsel worden vastgelegd.”
Wat wel is afgesproken is dat de kortingen voor dit jaar van de baan zijn. En tegelijkertijd moeten pensioenfondsen hun premie en opbouw gelijk houden. Daar wil pensioenfonds ABP nog niet op reageren, terwijl daar wel plannen zijn premies te verhogen en opbouw te verlagen.
Net als vorig jaar zet Koolmees gezien 'de zeer uitzonderlijke economische situatie’ de noodclausule van artikel 142 van de pensioenwet in. Geen kortingen voor pensioenfondsen die een dekkingsgraad hebben van meer dan 90%. Dat betekent een onderdekking van 10%. Oftewel: voor elke euro pensioenverplichting is er dan 90 cent in kas.
Vooralsnog vertalen de media (ik ook) dat als een streep door de meeste kortingen. Maar dat weten we helemaal nog niet. De gemiddelde dekkingsgraad is volgens bureau Aon in mei opgelopen van 90% naar 92%. Dus gemiddeld maar net boven die grens. Komende week wordt duidelijk hoe de grootste fondsen in mei hebben gepresteerd. Maar in april zaten ABP en zorgfonds PFZW nog verder onder die 90%. Dat blijft dus spannend.
Nieuw pensioen (4) - achterbannen
Tot slot. De achterbannen. Bij het Ledenparlement van de FNV is er veel chagrijn. Die vergaderen digitaal over drie dagen verspreid. Dinsdag praten ze over pensioen (op basis van dit vage 5 pagina’s tellende document?). Maar afgelopen vrijdag werd nog een motie ingediend om pensioen en andere belangrijke onderwerpen pas in juli te bespreken als er fysiek vergaderd kan worden.
De stemming zorgde vrijdag voor veel consternatie. Aanvankelijk leken de stemmen te staken. Maar toen bleek dat sommige mensen niet digitaal hadden kunnen stemmen. Na veel gedoe mocht de motie dan toch opnieuw in stemming worden gebracht en werd die aangenomen. Maar het bestuur negeert de motie en gaat dinsdag toch over pensioen praten. Je kunt je voorstellen dat dit de feestvreugde niet verhoogd. Zeker ook omdat er daarnaast over andere gevoelige zaken wordt gesproken, zoals de interne vakbondsstructuur, de financiële organisatie (lees dit verhaal in VN) en de arbeidsvoorwaardeninzet in crisistijd.
Bij CNV wordt er opmerkelijk genoeg wel gejuicht. Tenminste door de onderhandelaars. Die vinden dit akkoord historisch. Terwijl ze eerder een heel zwaar punt van de compensatie maakten - die nu nog niet geregeld is. Bij de VCP, de derde bond, zit veel ontevredenheid. Daar zelfs ook in het bestuur. Blijkbaar dacht de VCP dat kabinet en polder de uitkomst neutraal zouden wegen. Maar dat liep anders. Prompt stuurde de bond dan ook een verbolgen reactie de wereld in:
“De VCP is verrast over de conclusie die de media trekken over een akkoord bij de pensioenonderhandelingen. De gesprekken zijn inderdaad afgerond, nu moet er weging plaatsvinden. Er is dus geen akkoord of een onderhandelaarsakkoord. We zijn klaar met de uitwerking. We moeten het geheel gaan toetsen op de doelen, deze weging zal nu in eigen huis gaan plaatsvinden.”
Is dit een achterhoedegevecht van een kleine bond waar overheen gewalst is? Duidelijk is wel dat de vakbonden met een enorm dilemma zaten de afgelopen weken. Er liggen berekeningen van 13 pensioenfondsen van de effecten van het nieuwe pensioen. Zogenaamde maatmensberekeningen. Maar die zijn volgens betrokkenen helemaal niet zo gedetailleerd. Er zijn per fonds 3 inkomens gekozen en daarbij zijn 3 scenario’s doorgerekend. Maar 3 inkomens is slechts een grove doorrekeningen.
Dat zou reden kunnen zijn om te wachten op meer berekeningen. Maar dan zou dit hele plan over de zomer heen getild worden. En welke politieke dynamiek is er dan op gang gekomen? Politici staan dan inmiddels al in verkiezingsstand.
Het beeld dat de FNV schetst dat iedereen erop vooruitgaat, lijkt ook niet te kloppen. De uitkomsten lopen naar verluidt per sectorfonds nogal uiteen. Als je met 3 inkomens en 3 scenario’s dus 9 uitkomsten hebt, scoren sommige fondsen 8 of 9 plusjes. Maar er zijn er ook bij waar er maar 5 of 6 plusjes uit de berekeningen rollen. Krijgen de achterbannen dit ook te zien? En gaan ze daar dan mee akkoord?
Song of the week - Hoofdzetel Unilever weg
Jeff Buckley - Last Goodbye (from Live in Chicago)
Podcast
Luister hier onze wekelijkse podcast ‘Kwestie van Centen’. Presentatie: Herman Stam. Welke economische analyse licht er onder de steunpakketten? Waarom publiceert het Centraal Planbureau zo weinig tijdens de coronacrisis? Hoe ziet steunpakket 3.0 er straks uit? Wie verdient overheidssteun en wie niet? KLM, Tata, Hema, de horeca? Ook op Spotify en iTunes.
(Lees ook het verhaal van collega Leon Brandsema en mij over crisisbestrijding in de mist.)
Meer info
Mij inhuren als spreker? Ook voor webinars. Bekijk mijn profiel bij Speakers Academy of mail naar info@speakersacademy.com
Hoe vond je deze editie?
Als je deze nieuwsbrief niet meer wilt ontvangen, dan kun je je hier afmelden.
Als deze nieuwsbrief doorgestuurd is en je wilt je aanmelden, klik dan hier.
Gemaakt door Martin Visser met Revue.