Bekijk profielpagina

Achter de cijfers - Editie #89: over worsteling met corona, voorwaarden aan steun, het toeslagencircus en een hoger minimumloon

Revue
 
Veel reacties krijg ik op de persoonlijk getinter nieuwsbrieven in coronatijd. Ook deze week begin ik
 

Achter de cijfers

2 mei · Editie #89 · Bekijk online
Econoom en journalist Martin Visser praat je wekelijks bij. Wat is het verhaal achter de cijfers? Over pensioenen, lonen en arbeidsmarkt, over robotisering, flexibilisering, over de problemen van de middenklasse, over de houdbaarheid van de euro én van de EU. Links, cijfers en duiding.

Veel reacties krijg ik op de persoonlijk getinter nieuwsbrieven in coronatijd. Ook deze week begin ik met wat persoonlijke impressies. Het is niet gemakkelijk om in deze crisis hoop te vinden. Een essay van de Italiaanse schrijver Paolo Giordano roept op deze tussentijd niet uit te zitten, maar ook deze periode waardevol te maken. Makkelijker gezegd dan gedaan. Verder blik ik terug op het pleidooi om bedrijven alleen onder strikte voorwaarden te steunen. En er ik ook niet-corona-nieuws: over toeslagen en het minimumloon.
Hopelijk is de nieuwsbrief weer informatief en lezenswaardig. Zoals altijd zijn reacties zeer welkom.
Hou je haaks!

Corona
Een paar weken geleden - we zaten nog maar pas binnen - wilden we op zondag met de kinderen er even uit. Een eenvoudig stukje fietsen, in de buurt. Aan de rand van IJburg ligt het Diemerpark. Het is langgerekt stukje aangelegde natuur, tegen de nieuwbouw van deze wijk aangeplakt. Om de hoek en je voelt je toch even buiten.
Nog voor we het park bereikten, maakten we rechtsomkeert. We waren niet als enigen op dit idee gekomen. De smalle toegangsweg naar het park was druk, wij werden meteen ontmoedigd. Hoe konden we op verantwoorde wijze afstand houden van de medeweggebruikers als we om elkaar heen moesten slalommen? We fietsten weer terug naar huis en stapten licht ontmoedigd in de auto. Dan maar op die manier een eindje rijden.
Deze week wilden we er graag weer op uit. Het was immers meivakantie en ik ben een week vrij. We zouden anders in Zuid-Limburg hebben gezeten. Maar die vakantie hebben we geannuleerd. Waar kun je wel heen? Van premier Rutte mogen we een frisse neus halen, liefst in de buurt. Maar is het strand ook een optie als het daar rustig is? Het bos? Of elders een mooi wandelpad?
Omdat je vantevoren niet weet of je onverhoopt de drukte in rijdt, kozen we opnieuw voor de autorit. Oude trauma’s kwamen boven, mijn ouders hielden vroegen nogal van ‘een eindje rijden’. Ook onze kinderen reageerden niet onverdeeld enthousiast op ons plan. Een rit door de bollenstreek moest in ieder geval genoeg te zien geven vanachter de autoraampjes. En wie weet konden we toch ergens uitstappen.
Dat bleek te kunnen. De eerste halte van deze rit was Katwijk, aan de westrand van de bollenstreek. Daar bleek het strand heel rustig te zijn. En konden de kinderen (en wij) alsnog uitwaaien en genieten van het lekkere weer. Wat kun je dat missen. Om gewoon even lekker langdurig in de frisse buitenlucht te zijn, even buiten de geijkte paden rondom je eigen huis. Na al die weken kun je zo verlangen naar een wandeling door een mooi gebied. Iets heel gewoons wordt dan iets heel bijzonders.
Prompt kreeg ik zin in meer. Wanneer kunnen we weer ongestoord naar de Hoge Veluwe? Of naar dat leuke adresje in Loon op Zand, vlakbij de Drunense Duinen? Of ons weekje Limburg inhalen in dat prachtige heuvelland? Of naar een van onze prachtige Waddeneilanden? Dat we nu niet naar Parijs kunnen of naar Italië, laat staan naar verdere oorden, allemaal prima. Gewoon kunnen genieten van de rust en de ruimte in eigen land is al zo waardevol.
Het deed me opnieuw beseffen (dat besef daalt steeds een beetje verder in) in welke situatie we zijn beland. De gedachte dat dit - die beperkingen, dat gezondheidsrisico, dat opgesloten zijn - het nieuwe normaal is. Dat we niet bezig zijn om deze crisis uit te zitten en dat straks alles weer normaal is, die gedachte wil maar niet volledig doordringen. Toen dit alles begon, dacht ik dat nog. En volgens mij vele anderen ook. Dat dit een kwestie was van een paar weken of maanden en dan was alles weer gewoon. Maar zo is het natuurlijk niet.
Zolang er geen vaccin is, leven we in deze nieuwe anderhalvemeter-samenleving. Dat we hopen dat er versoepelingen aankomen, betekent niet dat de crisis over is. Nee, het is een nieuwe fase van diezelfde crisis. Waarin beperkingen nog net zo beperkend zijn. Misschien kunnen we dan weer naar de kapper. Maar dan met binnen strikte regels. Wellicht weer naar de bioscoop, maar met een handjevol mensen. Misschien weer uit eten, maar wel onpersoonlijk, bestellingen via de app, eten zelf pakken vanaf de uitserveertafel, afrekenen via de pin. Zo min mogelijk onderling contact.
Het is een nieuw normaal waarin veel bedrijven amper rendabel kunnen zijn. Waarin we moeten ontdekken of het allemaal nog even leuk is. In die letterlijk afstandelijke samenleving voelt het wezenlijk anders. Met een boog om elkaar heen lopen in de winkelstraat krijgen we wel onder de knie, maar prettig is het niet. Ieder ander mensen benaderen als potentieel gevaar - en vice versa - voelt ronduit naar.
Van sommige dingen vraag ik me af of die überhaupt wel kunnen in die anderhalvemeter-samenleving. Theater, concerten, festivals, kerkelijke samenkomsten, ik weet niet hoe dat moet. Met halflege zalen? Toch maar online? Daar loop je echt tegen grenzen aan. Een toneelstuk of cabaretvoorstelling staat of valt bij een live uitvoering voor een publiek. De Volkskrant beschreef wat er ontbreekt aan al die goedbedoelde online-initiatieven.
Gaan we bij elke boswandeling vooraf nadenken over de potentiële drukte? Bedenken we of we een uur in de rij willen staan voordat we de Ikea binnen kunnen? Genieten we van een borrel op het terras of is de lol er snel af als het eenmaal weer een tijdje is toegestaan?
Ik las het essay 'In tijden van besmetting’ van de Italiaanse schrijver Paolo Giordano. Hij probeert in dit kleine boekje deze bijzondere tijd te vangen. Aan definitieve duiding komt hij nog lang niet toe, wel aan eerste aanzetten tot nadenken over deze crisis. Twee dingen bleven me bij van dit boekje.
Een: Giordano kan zich niet voorstellen dat we na deze crisis gewoon de draad weer oppakken:
“Ik ben bang dat ik ontdek dat de beschaving die ik ken een kaartenhuis is. Dat alles wordt uitgewist. Maar ik ben ook bang voor het tegenovergesteld: dat als de angst straks weg is, alles bij het oude is gebleven.”
Tal van politici en denkers breken zich nu al het hoofd over de betekenis van deze crisis. En over de vraag wat er hierna anders moet.
Twee: de auteur roept ook op deze crisis niet te zien als een tussentijd die we domweg moeten uitzitten, wachtend op het oude normaal. Dat sprak me enorm aan, al heb ik eerlijk gezegd nog geen idee hoe ik zijn oproep in de praktijk kan brengen. Want het vergt wel een heel positieve houding, die me eerlijk gezegd nogal eens ontbreekt in deze ontmoedigende tijden. Hij verwijst daarbij naar een bijbelse psalm ('leer ons zo onze dagen te tellen, dat wijsheid ons hart vervult’):
“En we tellen en hertellen de dagen, dat vooral, de dagen die het nog duurt totdat de crisis achter de rug zal zijn. Maar volgens mij wil de psalm ons een andere rekensom laten maken: leer ons om onze dagen te tellen om onze dagen een waarde te geven. Al onze dagen, ook deze, die we alleen maar een vervelend intermezzo vinden.”
Op het strand bij Katwijk lukte dat. De dag waarde te geven. Nu al die andere dagen nog.
Voorwaarden
Een tweet kan je een uitnodiging voor een talkshow opleveren. Ik noemde het ingezonden stuk van Ewald Engelen, Jeroen Smit en Marcia Luyten in de Volkskrant bizar en werd prompt opgebeld door de redactie van Op1. De drie opstellers en een lange rij prominenten uit bedrijfsleven en de culturele sector willen voorwaarden stellen aan de noodsteun die bedrijven nu krijgen.
Die wens is op zichzelf best te begrijpen. Het voelt heel ongemakkelijk dat bijvoorbeeld Booking.com belastinggeld krijgt, terwijl het bedrijf dikke winsten haalde in het verleden, eigen aandelen inkocht ten faveure van beleggers, handige fiscale routes gebruikte en hoteliers soms met de rug tegen de muur zet. Door voorwaarden te stellen aan die noodsteun los je dit op.
Maar de briefschrijvers stellen voor dit met terugwerkende kracht te doen:
“Voor die voorwaarden stellen wij drie richtlijnen voor.
1. Bedrijven moeten de afgelopen tien jaar (sinds de vorige crisis) in binnen- en buitenland hun aandeel hebben bijgedragen als het gaat om het betalen van belastingen.
2. Bedrijven geven blijk van sociale rechtvaardigheid, richten zich op langetermijnduurzame economische groei en begrijpen dat ze daarvoor de belangen van alle stakeholders moeten dienen.
3. De producten en diensten van het bedrijf dragen in toenemende mate bij aan een veilige en duurzame toekomst.”
Noodloket UWV dat de steun voor loonkosten uitbetaalt wordt dan een soort waarheidscommissie die achteraf vaststelt wat goede en foute bedrijven zijn. Mede-ondertekenaar Paul Polman (ex-ceo van Unilever) zou dan meteen in de problemen komen. Of zou lobbyen voor de afschaffing van de dividendbelasting en dreigen werkgelegenheid uit Nederland te verkassen gezien worden als een positieve bijdrage aan onze samenleving?
Jeroen Smit haalde bij het begin van het debatje meteen ‘de angel’ eruit door te stellen dat de terugwerkende kracht bij nader inzien geen goed idee was. Bleef over: bedrijven dwingen om duurzaam en sociaal rechtvaardig bij te dragen in de toekomst. In het gesprek was sprake van beursgenoteerde bedrijven, in het stuk wordt dat niet zo scherp gesteld. Alleen in de intro, die de Volkskrant-redactie erboven heeft gezet. In de bijbehorende petitie is geen sprake van grote en/of beursgenoteerde bedrijven.
Oftewel: bedrijven, groot en klein, kunnen alleen steun krijgen als ze duurzaam worden, meer belasting betalen en sociaal rechtvaardig zijn. Zo niet, dan is de steun slechts een lening die later moet worden terugbetaald. Waarom dit een slecht idee is, ook al sta je achter de prachtige doelstellingen, legt ook hoogleraar economie Bas Jacobs uit:
“Het pleidooi van de briefschrijvers komt er uiteindelijk op neer dat zij bedrijven in acute geldnood door de crisis doelbewust failliet willen laten gaan als die bedrijven in hun ogen niet deugen. Dat is een paardenmiddel. Ik begrijp eigenlijk niet goed dat ze dit met droge ogen durven voorstellen. De economische schade van het kapot laten gaan van bedrijven is gigantisch. Ook al zou je de pest hebben aan bedrijven en hun aandeelhouders – wat ik niet heb –, dan nog komen de werknemers van die bedrijven vervolgens wel zonder werk en inkomen te zitten.”
De briefschrijvers vinden dit alles zo evident en nogal common sense. Maar feit is dat deze thema’s duurzaamheid en belastingen zeer politiek zijn. Als het allemaal zo evident was, waarom is de politiek er dan niet eerder samen uitgekomen? Natuurlijk moeten bedrijven sociaal rechtvaardig handelen, natuurlijk moet belastingontwijking worden tegengegaan en moeten bedrijven duurzamer worden. Maar laat de politiek dat dan alsjeblieft via wet- en regelgeving regelen. Liefst zo snel mogelijk en voor alle bedrijven. Niet voor die bedrijven die nu toevallig met hun rug tegen de muur staan.
De noodsteun is bedoeld om het grootste deel van de loonkosten te compenseren, zodat werknemers niet worden ontslagen. Die bescherming van werknemers met dit voorstel in de waagschaal stellen, vindt CNV-voorzitter Piet Fortuin dan ook een heel slecht idee:
“Het huis staat in brand door de coronacrisis. De tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW) dient ervoor die brand te blussen. Je moet de brandweer nu niet storen met extra eisen waar ze niet aan kan voldoen. Extra eisen leidt tot een nog grotere werkloosheid dan ons nu al wacht.”
Marcia Luyten, Jeroen Smit en Martin Visser over financiële steun voor duurzame bedrijven | Op1
Gratis opvang
Staatssecretaris Alexandra van Huffelen van Financiën hoeft zich niet te vervelen. Zij is de toeslagen-staatssecretaris en moet niet alleen de crisis met de kinderopvangtoeslag oplossen, maar ook met plannen komen voor een totaal nieuw toeslagensysteem. Want het huidige is volledig vastgelopen, zo concludeert ze deze week.
Op haar bureau lagen al twee dikke ambtelijke rapporten over de problematiek met toeslagen en daarvan moest het kabinet nog iets vinden. Zo ver is het nu:
“Het kabinet is er daarom van overtuigd dat een ander stelsel - waarbij de zekerheid en voorspelbaarheid voor burgers wordt vergroot - noodzakelijk is.”
Het probleem met de kinderopvangtoeslag, de huurtoeslag, de zorgtoeslag en het kindgebonden budget is: a) dat er ontzettend veel mensen van afhankelijk zijn (5 miljoen huishoudens ontvangen 7,5 miljoen toeslagen) en b) dat de toeslagen zo actueel en gericht pogen te zijn dat het nodeloos ingewikkeld is geworden. Je krijgt toeslag op basis van je actuele inkomen en je actuele gezinssituatie. Dat betekent dat er vooraf schattingen moeten worden gemaakt over die actuele situatie en dat een, twee of zelfs soms drie jaar na dato aanpassingen gedaan worden, omdat dan pas die actuele situatie exact bekend is. Met als gevolg: 2,3 miljoen terugvorderingsbeschikkingen per jaar en 1,5 miljoen nabetalingen.
De toeslagen moesten zekerheid bieden, maar leiden tot het omgekeerde, zo concludeert nu ook de staatssecretaris in navolging van de ambtelijke adviezen:
“De risico’s stapelen bovendien bij de meest kwetsbare mensen: mensen die de hoogste toeslagen ontvangen, die niet over voldoende financiële buffers beschikken of een onregelmatig inkomen hebben. Ook raakt het mensen die verkeren in een situatie van (financiële) stress of die midden in een impactvolle verandering in hun leven zitten.”
Op korte termijn komt Van Huffelen met een paar aanpassingen die snelle verlichting moeten bieden voor evident onlogische gevolgen van het toeslagencircus. Maar de grote klapper vergt veel meer tijd. De staatssecretaris wijst erop dat de toeslagen samenhangen met de stelsels voor zorg, huren en kinderopvang. Alleen naar de toeslagen kijken heeft dus niet zoveel zin. En daarmee haalt het kabinet potentieel heel veel overhoop.
Vaak wordt gezegd dat alles weer terug moet naar het oude. Als de huurtoeslag gewoon weer wordt uitgevoerd zoals vroeger de huursubsidie, dan is alles opgelost. Of soms wordt zelfs gesuggereerd dat hele circus af te schaffen. Gelukkig erkent de staatssecretaris dat het zo simpel niet is:
“Door de zeer hoge mate van gerichtheid van de huurtoeslag is deze helaas niet eenvoudig te vervangen zonder aanzienlijke inkomenseffecten. Het kabinet wil daarom met een bredere blik kijken naar de ondersteuning van betaalbaar wonen, waarbij inkomensbeleid, de subsidiëring op de huur- en koopmarkt alsmede de verhuurdersheffing in samenhang worden bezien.”
Toeslagen, belastingen en de stelsels van zorg, wonen en kinderopvang zijn zo in elkaar verweven dat je niet simpel aan één touwtje kunt trekken zonder dat het bouwwerk in elkaar zakt. Dat maakt snelle, simpele oplossingen domweg onmogelijk. Ook in de zorg gaat het kabinet dit in samenhang met het zorgstelsel bekijken. Een zaak van lange adem en politieke hobbels dus.
Voor de kinderopvang wordt zelfs gekeken naar een omschakeling naar publiek gefinancierde kinderopvang, in lijn met de wens van de linkse oppositie. Dat zou een majeure verandering betekenen. Kinderopvang wordt dan een publieke voorziening die (deels) gratis wordt. Wat dat behelst schetsen de ambtenaren:
Op basis van de kinderopvanguren die nu worden gebruikt, zou een publieke kinderopvang maar liefst €8,8 miljard kosten. De kinderopvangtoeslag en enkele andere financieringen vallen vrij, dat scheelt €3,3 miljard. Dan nog is er €5,4 miljard extra nodig, becijferen de ambtenaren (daar zal wel een afrondingsverschil tussen zitten). Suggesties om dit gat (deels) te overbruggen zijn om:
  1. de inkomensafhankelijke combinatiekorting af te schaffen voor werkende ouders, een eigen bijdrage te introduceren - via de belastingen hoeft werken voor ouders van jonge kinderen niet meer te worden gestimuleerd, want de gratis kinderopvang is ook al zo'n stimulans
  2. een eigen bijdrage te vragen - dat zal dan inkomensafhankelijk zijn en weer moeten worden berekend en uitgevoerd. In België werkt zoiets overigens prima
  3. de belastingen te verhogen - daar maak je je in verkiezingstijd niet zo populair mee, kinderlozen betalen mee voor mensen met kinderen
En dan te bedenken dat deze financiële inschatting is gemaakt op basis van het huidige aantal kinderopvanguren:
“Het gedragseffect (meer ouders zullen van opvang gebruik gaan maken nu het gratis is) is in deze berekening niet meegenomen.”
Minimumloon
Het debat over de hoogte van het minimumloon kreeg ook een nieuwe impuls. Om te beginnen verwees staatssecretaris Van Huffelen naar het belang van een hoger minimumloon en hogere uitkeringen in het kader van de problematiek van de toeslagen:
“Overkoepelend blijft het een uitdaging om de lage inkomens, die netto geen belasting betalen, te bereiken. Het kabinet wil daarom dit jaar de mogelijkheden en voor- en nadelen van het verhogen van het minimumloon en het sociaal minimum verder onderzoeken. Een verhoging van het minimumloon en de daaraan gekoppelde uitkeringen kan de inkomensherverdeling via toeslagen voor een deel vervangen.”
Opmerkelijk, omdat onlangs topambtenaren als bezuigingsoptie nota bene verlaging van uitkeringen voorstelde. Dat advies is bedoeld als keuzemenu voor verkiezingsprogramma’s en de kabinetsformatie. Maar er waait een heel andere politieke wind, al stelt de nu snel oplopende staatsschuld een volgend kabinet wel degelijk voor een financiële uitdaging. Minister Wopke Hoekstra van Financiën wilde dan ook bezuinigingen niet uitsluiten.
Maar goed, vanuit de toeslagendiscussie licht een hoger minimumloon en een hoger sociaal minimum eerder voor de hand. Dan bescherm je de lagere inkomens makkelijker en beter dan via belastingen en toeslagen, zo luidt de redenering.
Het Centraal Planbureau gaf ruimte hiervoor - de nieuwe impuls waarover ik hiervoor repte:
“In de laatste vijf jaar is een voorzichtige nieuwe consensus ontstaan dat de werkgelegenheidseffecten van een verhoging van het minimumloon kleiner zijn dan men eerder dacht. Dit komt mede doordat belangrijke methodologische verschillen zijn opgehelderd en doordat omvangrijke nieuwe studies naar recente minimumloonsverhogingen nauwkeurigere schattingen hebben opgeleverd door een betere onderzoeksopzet en een focus op een bredere groep direct geraakte werknemers.”
Het Planbureau heeft het rapport Kansrijk arbeidsmarktbeleid uit 2016 geactualiseerd en aangevuld met nieuwe berekeningen over het minimumloon. In tal van landen is het minimumloon verhoogd en er zijn vele extra studies gedaan hiernaar. Daaruit blijkt dat het verlies aan banen door een hoger minimumloon duidelijk minder is dan altijd gedacht.
Bij de vorige doorrekening, vier jaar geleden, dacht het CPB nog dat een verhoging van het minimumloon met 5% zou leiden tot een daling van de werkgelegenheid met 0,5% (als de uitkeringen gekoppeld zouden blijven aan het minimumloon) en met 0,3% (als die koppeling wordt losgelaten). In de nieuwe berekeningen is het negatieve werkgelegenheidseffect nog maar 0,2% (met koppeling) en 0,0% (zonder koppeling).
Omdat er heel andere relatie blijkt te bestaan tussen de hoogte van het minimumloon en het aantal banen heeft het CPB ook forsere stijgingen van het minimumloon doorgerekend. Op basis van de oude kennis was dat zinloos, want weinig realistisch.
Zo wil vakbond FNV het minimumloon verhoogd zien van circa €10 per uur nu naar €14. Een verhoging met 40%. Als de koppeling met de uitkeringen in stand blijft, kost dat ruim 300.000 banen (werkgelegenheid -3,5%). Wordt de koppeling losgelaten dan resteert een baanverlies van 180.000 (werkgelegenheid -2%).
Dat is toch nog een aanzienlijke daling van de werkgelegenheid, maar daar staat dan ook een fikse stijging van het minimumloon tegenover. Alle reden dus voor vakbond FNV om te juichen over deze uitkomsten. Het maakt hun lobby steeds kansrijker. Cao-coördinator Zakaria Boufangacha wijst erop dat een hoger minimumloon in onder meer de VS, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk niet tot stijgende werkloosheid heeft geleid:
“Die ervaringscijfers en nu ook de cijfers van het CPB bevestigen het standpunt van de FNV en daarmee zijn ook de argumenten van de tegenstanders van tafel.”
Een hoger minimumloon verkleint ook de inkomensongelijkheid, constateert het CPB. Het is overigens de vraag of het Nederlandse minimumloon erg laag is. In absolute euro’s valt dat wel mee (zie de internationale vergelijking in de rechtergrafiek), maar als percentage van de doorsnee lonen is het minimumloon in Nederland wel relatief laag (zie linkergrafiek):
bron: CPB
bron: CPB
Song of the week - #troostmuziek
Lali Puna: Scary World Theory (Live at Mad Cool Festival 2018)
Geen woordgrapjes met muziektitels deze weken. Op twitter zet ik de afgelopen tijd gewoon mooie liedjes die in deze barre tijden dienen als #troostmuziek. Geniet ervan.
Podcast
Herman Stam en ik hebben allebei vakantie, daarom deze week geen ‘Kwestie van centen’. Maar je kunt ook de Ongelooflijke Podcast van afgelopen week terugluisteren. In deze podcast van de EO praat ik met David Boogerd en Stefan Paas over de economische kant van de coronacrisis. Maar ook over groeiende ongelijkheid, klimaat en de rol van de kerk in crisistijd.
Meer info
Mij inhuren als spreker? Ook voor webinars. Bekijk mijn profiel bij Speakers Academy of mail naar info@speakersacademy.com
Hoe vond je deze editie?
Als je deze nieuwsbrief niet meer wilt ontvangen, dan kun je je hier afmelden.
Als deze nieuwsbrief doorgestuurd is en je wilt je aanmelden, klik dan hier.
Gemaakt door Martin Visser met Revue.