Bekijk profielpagina

Achter de cijfers - Editie #87: Hoe succesvol wordt de 1,5 meter-economie? De beperkingen zijn fors, de roep om steun onverminderd groot.

Revue
 
Premier Mark Rutte maakt dinsdag duidelijk hoe we verder gaan na 28 april. Komen er eerste versoepeli
 

Achter de cijfers

18 april · Editie #87 · Bekijk online
Econoom en journalist Martin Visser praat je wekelijks bij. Wat is het verhaal achter de cijfers? Over pensioenen, lonen en arbeidsmarkt, over robotisering, flexibilisering, over de problemen van de middenklasse, over de houdbaarheid van de euro én van de EU. Links, cijfers en duiding.

Premier Mark Rutte maakt dinsdag duidelijk hoe we verder gaan na 28 april. Komen er eerste versoepelingen van de lockdown? Of moeten we voorlopig nog volhouden? De vraag over de economische gevolgen en de afweging tussen gezondheid en economie liggen levensgroot op tafel. Ondernemers willen weer door, maar wijzen erop dat de overheid ook na de lockdown moet blijven steunen. Ik vraag me af of die 1,5 meter-economie wel zo'n succes zal worden. Hoe regelen we dat met vervoersstromen bijvoorbeeld? En is het echt een goed idee om bedrijven langdurig van steun te blijven voorzien? Enorme dilemma’s.
Zoals altijd worden reacties zeer op prijs gesteld. Blijf gezond en hou je haaks!

Corona
foto: ProRail
foto: ProRail
Gaan we nu de volgende fase in? Er wordt de laatste dagen zoveel gesproken over de 1,5 meter-samenleving, dat je haast zou denken dat die er al is. Natuurlijk is die er als je (noodgedwongen) naar de winkel gaat. Maar voor veel beroepen en sectoren moet die stap nog worden gezet.
Dinsdagavond geeft premier Mark Rutte weer een persconferentie en dan zal hij duidelijk maken wat er na 28 april gaat gebeuren. Kondigt hij aan dat beperkende maatregelen wellicht worden versoepeld? Wordt dan de weg naar het ‘nieuwe normaal’ ingezet? Of blijven we voorlopig in de intelligente lockdown?
Vorige week schreef ik dat de stap naar het langzamerhand (her)openen van de economie niet betekent dat de gezondheidsrisico’s worden onderschat. Nee, het zit volgens mij precies andersom. Juist omdat het besef is ingedaald dat dit virus lang bij ons blijft, zullen we wegen moeten zoeken om de samenleving weer voorzichtig open te gooien. Een paar weken in lockdown kan nog wel, maanden of jaren niet.
De afgelopen week heb ik mij - met collega Alexander Bakker - gestort in die nieuwe 1,5 meter-wereld en ik werd er nog niet heel optimistisch van. Tal van branches en sectoren zijn druk doende om protocollen op te stellen. Maar er zijn nog veel problemen. Dus afgezien van de vraag of het inmiddels al verantwoord is om deze stap te gaan zetten, is het nog lang niet zeker dat het ook daadwerkelijk kan.
Verder houdt ook de discussie over de maatvoering van de beperkende maatregelen aan. Eerlijk gezegd vind ik die nogal ingewikkeld. Robin Fransman begon deze week al enthousiast te rekenen. Hij combineerde cijfers van bloedbank Sanquin over het aantal donoren bij wie antistoffen zijn aangetroffen met statistieken over coronagevallen, ziekenhuisopnames en sterftes.
“De kans om te overlijden door corona is kleiner dan de ‘normale’ kans om te overlijden. In die zin zijn de risico’s van corona laag te noemen, vooral voor mensen onder de 60. En onder de 50 is ook de kans op IC-opname erg klein, en dus is ook de potentiële belasting op de IC’s vanuit die groep klein.”
Ook in de Financial Times werd erop gewezen dat de sterfte door corona min of meer het gewone patroon volgt van sterfte. Daaruit zou je op kunnen maken dat mensen die nu door corona overlijden (statistisch gezien) anders ook binnenkort waren overleden. Daarvoor worden cijfers aangehaald die Sir David Spiegelhalter, voormalig voorzitter van de Royal Statistical Society.
bron: FT
bron: FT
Al te gemakkelijk zou je kunnen concluderen dat alle maatregelen die we nu nemen tegen het inperken van het virus zinloos zijn. Maar die conclusie trekt de auteur Jemima Kelly in de FT niet. Sterker nog, zij wijst erop dat dit virus op zijn beloop laten en talloze oudere mensen niet de maximale bescherming en zorg bieden grote maatschappelijke gevolgen zou hebben.
Simpele rekensommen worden volgens Kelly maatschappelijk niet geaccepteerd. Zomaar zeggen: normaal gesproken trekken we maximaal zoveel geld uit voor het redden van een leven of het verlengen met een levensjaar en dus moeten we die norm nu ook hanteren, zal niet werken.
“The paradigmatic example used in explaining this moral imperative is that of a little girl who is stuck down a well. At this point society, even though it might not have bothered to put in place measures that would prevent little girls from falling down wells, or that would rescue them once they had fallen in, would deem it grotesque for someone to carry out a cost-effectiveness analysis of how much it was worth spending to save the girl’s life.”
Hoe enthousiast sommige economen ook beginnen te rekenen, ik hou er moeite mee. Als ik dergelijke tweets zie, bezorgt me dat een ongemakkelijk gevoel:
Kees Kraaijeveld
Hoelang houden we de lockdown nog vol? Langzaam begint het besef door te dringen dat we zijn doorgeslagen; we moeten heel snel weer aan de slag. ⁦Dank @_basjacobs
#opendescholen https://t.co/wIh1gDmo8d
Wie vervolgens het stuk leest, ontdekt dat niet econoom Bas Jacobs stelt dat het beleid is doorslagen. Hij is juist heel erg voorzichtig. En terecht:
“Maar de vraag komt dichterbij dat toch een keuze moet worden gemaakt. ‘Wegen de steeds groter wordende economische kosten nog wel op tegen de gezondheidswinsten?’, zegt hoogleraar economie en overheidsfinanciën Bas Jacobs, die blij is die vraag niet zelf te hoeven beantwoorden. ‘Vrijwel niemand durft publiekelijk dit debat te voeren. Zie hoe de wereld over Jort Kelder heen viel’, zegt Jacobs. ‘Maar er komt een moment dat het aantal faillissementen explodeert en de werkloosheid hoog wordt. Op het moment dat de gevolgen van de lockdown voelbaar worden, zal het debat gaan kantelen.’”
Op twitter wijst Volkskrant-columnist Sheila Sitalsing nog maar eens op een column van wiskundige Ionica Smeets die waarschuwt voor huis-, tuin- en keukenvirologen:
“Je voelt je machteloos. Je zit thuis. Je wilt graag iets nuttigs doen. Je probeert iets waarvan je eigenlijk geen verstand hebt. En voor je het weet zit je met vier magneetjes in je neus bij de eerste hulp.”
Om die uitsmijter te snappen, moet je de column echt even lezen.
1,5 meter-economie
Hans de Boer is enthousiast aan de slag gegaan. Twee weken geleden opperde hij bij WNL op Zondag dat de economie eraan toe was om weer gas te geven. En de werkgeversvoorman liet er geen gras over groeien. Met tal van branches is hij aan de slag gegaan om protocollen op te stellen. VNO-NCW en MKB-Nederland coördineren dat werk in de branches. Vervolgens moeten die protocollen langs het ministerie van Economische Zaken en worden goedgekeurd door het RIVM.
De Boer zei dat hij inmiddels circa 35 protocollen klaar heeft. Dat gaat dus hard. Om een indruk te geven, dit somde de woordvoerder van VNO voor me op:
“Definitief zijn al de 20 retail-protocollen voor verantwoord winkelen en het protocol Veilig samen doorwerken van bouw en techniek. 
Verder zijn de volgende branches bezig met een protocol en zitten in de molen nu:
  • Dagattractieparken en dierentuinen
  • Bioscope
  • Verantwoord sporten protocollen: squash, golf, paard rijden, tennis, fitness, professionele buitensporten, zwemmen
  • Recron/hiswa: vakantieparken, groepsaccommodaties, campings, jachthavens, zeilscholen
  • Horeca
  • Musea
  • Transport
  • Industrie (metaal/elektro)
  • Industrie (petroleum)
  • Bedrijfstrainingen
  • Cultuureducatie (muziekscholen/volksuniversiteiten e.d.)
  • Makelaars
  • Kantoor-protocol (2 miljoen werknemers)
  • Verzekeraars
  • Kappers - schoonheidsspecialisten
  • Ingenieurs
  • Financieel adviseurs
  • Touringcarbussen
  • Carrosserie-sector
Aan de slag gaan nu:
  • Rijscholen
  • Bibliotheken
  • Mobiliteitssector”
Dat gaat dus heel voortvarend. Zo lijkt het. Want er zijn nog een paar grote hobbels.
Om te beginnen de horeca. Deze week stuurde Koninklijke Horeca Nederland een brandbrief naar het kabinet. Daarin stelt de horeca dat er weliswaar een protocol is, maar dat die in veel horecazaken niet uitvoerbaar is. Directeur Dirk Beljaarts van KHN:
“We hebben een protocol, maar onze conclusie is: het werkt niet. Voor 70, 80 procent van de zaken gaat dit niet werken. Hoe moet dit in discotheken? Of in een bruine kroeg in de Jordaan? Als je daar 1,5 meter afstand moet houden, kunnen er misschien drie mensen in de kroeg staan, inclusief de uitbater. En neem de kleine keukens in veel eetgelegenheden. Normaal zou je daar met vijf, zes mensen werken. Nu hoogstens met een of twee.”
Maar kunnen dan de terrassen niet open?
"Daar is hetzelfde probleem actueel, voor bestaande terrassen: ook daar zul je vierkante meters moeten opofferen omdat je minder tafels en stoelen mag plaatsen, en dat je vaak ipv 1 looppad om naar binnen te gaan 2 looppaden zult moeten hebben, een voor gasten en personeel van binnen naar buiten en een van buiten naar binnen. Gemeenten zouden daar een rol in kunnen spelen door ondernemers meer vierkante meters te geven zodat je nog in de buurt komt van je oude aantallen gasten, maar het is maar de vraag of ze dat doen.”
Om de 1,5 meter-economie tot een succes te maken, moeten in ieder geval de (basis)scholen open, zo constateren de bedrijven. Want anders zit het personeel alsnog thuisonderwijs te geven. Op 21 april moet er duidelijkheid komen over het RIVM-onderzoek naar de rol van kinderen en scholen in de coronabesmetting. Maar leerkrachten zijn heel kritisch. Ze willen zeker weten dat zij veilig kunnen werken.
Afgelopen week kwam op het Jeugdjournaal een school in Schijndel voorbij die blijkbaar alweer open is. Maar daar zitten tegelijkertijd maar een handvol kinderen in de klas. Iedereen kreeg anderhalf uur les per dag. Met dit soort oplossingen kunnen ouders natuurlijk niet gewoon iedere dag naar hun werk gaan.
Op deze school in Brabant krijgen kinderen tóch weer les
En dan is er nog het openbaar vervoer. Dat lijkt vooralsnog helemaal een onoplosbare puzzel. Het OV vervoert momenteel circa 10% van hun normale reizigersaantallen. Met een coronaprotocol ligt het maximum op ongeveer 20%, zo heeft de sector berekend. Als de hogescholen en universiteiten weer open zouden gaan, dan zorgt de toestroom van reizende studenten al voor teveel OV-reizigers.
Hoe ga je praktisch regelen dat de treinen, trams en bussen niet te vol raken? Als het OV maximaal een vijfde van het normale aantal reizigers aan kan, mogen mensen dan maar 1 dag in de werkweek met het OV? Hoe kun je dan al die kantoren en bedrijven opstarten waar die mensen moeten werken?
En hoe reguleer je de stromen mensen in de stad? Hoe doe je dat met perrons? Hoe stroomlijn je de zwermen fietsende ouders en kinderen onderweg naar school?
Mijn indruk is dat je niet alleen met strenge protocollen moet werken, maar dat het aantal sectoren dat met die protocollen open kan, heel beperkt is. Dat moet echt stapje voor stapje om te voorkomen dat er grote reizigersbewegingen ontstaan en je in no time weer ophopingen van mensen krijgt, die je de afgelopen weken nou juist zo goed hebt weten te voorkomen.
Ik laat me graag overtuigen, maar voorlopig heb ik er een hard hoofd in dat de 1,5 meter-economie gaat vliegen.
Steun
En dan is er nog een ander aspect aan die 1,5 meter-economie. Die is niet rendabel. Dat argument loopt dwars door de technische beperkingen heen. Toen Koninklijke Horeca Nederland zich beklaagde over de technische onmogelijkheden van de 1,5 meter, liep daar een lobby voor meer geld dwars doorheen. Want wat bleek, het was vooral een probleem van kosten en opbrengsten.
Zo ook bij het openbaar vervoer. Zoals voorzitter Pedro Peters van koepelorganisatie OV-NL zegt:
“Met 1,5 meter ruimte kunnen we niet meer dan gemiddeld 20 procent van de reizigers vervoeren. Dat is niet voldoende om de kosten te dekken. Als de overheid zegt dat 1,5 meter de norm is, dan moet je ook de portemonnee trekken. Anders gaan bedrijven omvallen.”
Stap één was dus steunen van bedrijven die dicht moesten of beperkt werden moesten worden gecompenseerd. Stap twee is nu bedrijven die weer opengaan steunen vanwege het niet rendabel kunnen draaien binnen de RIVM-beperkingen.
Opnieuw draait Hans de Boer van werkgeversorganisatie VNO-NCW zich warm. Hij zei afgelopen week in een interview met mij over het opengaan van sectoren:
"Flankerend beleid moet dat ondersteunen. Dat moet ook de politiek zich heel goed realiseren. Dat kun je het makkelijkst zien aan de horeca. Als jij in de zomer 40 man op je terras hebt zitten en je hebt er nu nog maar 10 of 15, dan maak je verlies. Er zijn er die zeggen: dan kan ik beter dichtblijven. Het pakket dat er komt, moet ondersteunend zijn aan de doelstelling. Dat hebben we aangekaart.”
Bij Op1 werd hij nog iets concreter:
“Er komt een tweede pakket en dat zal ingericht moeten worden op een situatie waarbij we hopelijk toch weer stapje voor stapje een beetje terug kunnen naar het normale patroon. Daar hoort ondersteuning bij.”
De huidige steun van minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken is gericht op doorbetaling van het grootste deel van de loonkosten. Maar het tweede steunpakket zou gericht moeten zijn op compensatie van gederfde omzet. Op die manier kunnen ondernemers ook hun huren en andere vasten lasten blijven betalen. Zonder die steun blijven bedrijven anders dicht.
Maar De Boer zat niet alleen aan tafel bij Op1. DNB-president Klaas Knot zat er ook. En hij liet een klein bommetje ontploffen:
“Het is de vraag hoe de overheid dan zijn geld het beste kan besteden. Want kijk, als die 1,5 meter-economie heel lang bij ons zou blijven dan is natuurlijk de helft van misschien wel de huidige horecabedrijven niet in de kern gezond.”
Het kwam hem op boze blikken van De Boer en een ook aanwezige horecabaas te staan. Begrijpelijk, want dit was niet de gewenste boodschap. Maar Knot werpt wel een reële vraag op. Stel dat we nog heel lange tijd (maanden? jaren?) in die 1,5 meter-economie blijven leven, zijn alle bedrijfmodellen dan nog wel rendabel? Als dit het ‘nieuwe normaal’ is, moeten bedrijfsmodellen zich dan ook niet aanpassen aan die nieuwe situatie?
Of moet de overheid bedrijven blijven steunen en omzetten blijven compenseren zolang als die beperkende voorwaarden gelden? Waar eindigt dat dan? De zakken van minister Wopke Hoekstra van Financiën zijn diep, maar niet oneindig.
Het kabinet zal zich moeten afvragen: als we aan die 1,5 meter-economie beginnen, waar beginnen we dan precies aan? Ik heb het antwoord nog niet, maar deze vraag kan niet ongesteld blijven. Want je ziet dat de roep om steun inmiddels oneindig is. Na generieke regelingen voor bedrijven, werknemers en zzp'ers volgen nu regelingen voor flexwerkers en seizoensarbeid en ook nog sectorale regelingen voor cultuur, sierteelt, strandtenthouders enzovoort. En na het opvangen van loonkosten, wil De Boer nu ook een soort omzetgarantie vanuit de overheid.
Terwijl uiteindelijk iedereen aanvoelt dat de overheid niet voor zeer lange tijd de hele economie kan overnemen. Maar ja, waar ligt de grens? En durft de politiek die grens aan te geven in aanloop naar parlementsverkiezingen?
Song of the week - #troostmuziek
Mary In the Morning
Geen woordgrapjes met muziektitels deze weken. Op twitter zet ik de afgelopen tijd gewoon mooie liedjes die in deze barre tijden dienen als #troostmuziek. Geniet ervan.
Podcast
Luister hier onze wekelijkse podcast ‘Kwestie van Centen’. Presentatie: Herman Stam. Het kabinet trekt alles uit de kast om bedrijven overeind te houden. Maar hoe lang kan de overheid ondernemers blijven steunen? Nu de 1,5 meter-economie nieuwe eisen stelt aan bedrijven, vragen ze om een nieuwe steunronde. Gaat die er komen? Ook op Spotify en iTunes.
Meer info
Mij inhuren als spreker? Ook voor webinars. Bekijk mijn profiel bij Speakers Academy of mail naar info@speakersacademy.com
Hoe vond je deze editie?
Als je deze nieuwsbrief niet meer wilt ontvangen, dan kun je je hier afmelden.
Als deze nieuwsbrief doorgestuurd is en je wilt je aanmelden, klik dan hier.
Gemaakt door Martin Visser met Revue.