Bekijk profielpagina

Achter de cijfers - Editie #67: over Draghi's klappertjespistool, lagere pensioenen door de AOW-deal en een naïeve vakbond

Revue
 
Eindelijk is de pensioendeal er. Eerlijk gezegd ben ik wel blij mee. Niet per se met alle inhoud, maa
 

Achter de cijfers

8 juni · Editie #67 · Bekijk online
Econoom en journalist Martin Visser praat je wekelijks bij. Wat is het verhaal achter de cijfers? Over pensioenen, lonen en arbeidsmarkt, over robotisering, flexibilisering, over de problemen van de middenklasse, over de houdbaarheid van de euro én van de EU. Links, cijfers en duiding.

Eindelijk is de pensioendeal er. Eerlijk gezegd ben ik wel blij mee. Niet per se met alle inhoud, maar wel dát de deal er is. Dat geleur bij al die onderhandelaars, al dat gehengel naar het laatste nieuwtje. We kunnen nu weer door :-) In deze nieuwsbrief sta ik stil bij een paar elementen. De prijs van de tragere stijging van de AOW-leeftijd, de meevaller van het CPB en de naïviteit van sommige vakbonden. Maar er is ook nog ander nieuws: wat zit er nog in de gereedschapskist van de centrale bank? Veel leesplezier!

Koolmees: "Dames en heren, het is gelukt."
Eerder met AOW, pensioen omlaag
Eindelijk trok het kabinet de buidel. De AOW-leeftijd wordt twee jaar bevroren en daarna gaat die leeftijd aanzienlijk minder hard omhoog. Een dure grap. Niet alleen voor het kabinet.
De grote verandering in de AOW-leeftijd zit in de aangepaste koppeling met de levensverwachting. Nu is die nog 1-op-1: elke extra levensjaar (gemiddeld) moet een 1 jaar langer worden gewerkt. Dat wordt nu 1 jaar op 8 maanden. Oftewel: 1/3e van de stijgende levensverwachting gaat naar pensioen, 2/3e naar werk. Eigenlijk best een logische verhouding. Zo logisch zelfs dat premier Mark Rutte de eerdere koppeling van 1-op-1 nu ineens ‘hysterisch’ noemt.
De impact is groot, blijkt uit een tabel die het ministerie van Sociale Zaken online zette. In een grafiek ziet dat er zo uit:
bron: SZW
De verschillen zijn echt substantieel. Ik ben van 1971 en ga door deze maatregel 12 maanden eerder met pensioen. Voor jongere generaties loopt dat verschil op tot 21 maanden. In 2060 blijft de AOW-leeftijd net onder de 70 jaar hangen, terwijl die in het oorspronkelijke tempo daar ruim boven zat. Overigens zijn het prognoses op basis van een geschatte levensverwachting. Dat kan natuurlijk nog veranderen.
In het oude tempo was de pensioenperiode vastgezet op 18,25 jaar. Het werkzame leven zou steeds langer worden, de pensioentijd niet. Nu worden beide beetje bij beetje langer en is er mijns inziens een betere balans gevonden. Het ‘geintje’ kost wel een paar miljard, daarover verderop meer.
Toch wil ik nog één effect aanstippen dat weinig aandacht krijgt. Dit kost niet alleen het kabinet geldt, maar ook de werkende/gepensioneerde. Eerder met pensioen betekent namelijk dat het pensioen lager zal zijn. Ga maar na: als je eerder met pensioen gaat, moet je je opgebouwde pensioen over een langere periode uitsmeren. Stel je dat je 9 maanden eerder gaat. Dat is over een pensioenperiode van 18,25 jaar circa 4%!
En dan wordt er ook nog aan de andere kant aan dat pensioen geknabbeld. Als je eerder stopt met werken, bouw je ook minder lang pensioen op. Dus je moet je pensioen over 9 maanden extra uitsmeren en je draagt ook 9 maanden minder pensioenpremie af.
Minister Koolmees van Sociale Zaken wees hier eerder al eens op in onze DFT-podcast. Toen rekende hij voor wat een bevriezing van de AOW-leeftijd zou kosten. Dat zou leiden tot substantiële premiestijging of daling van de pensioenaanspraak. Diezelfde redenering gaat op voor dit lagere tempo van leeftijdsstijging, alleen is het effect iets minder groot. Koolmees zei toen:
“Daarom vind ik het bijzonder dat dat zo weinig aandacht heeft in deze discussie. Het gaat vaak alleen maar over de AOW en de kosten voor de overheidsfinanciën, maar er zit een grotere werkelijkheid achter, namelijk de betaalbaarheid van de pensioenen en de dekkingsgraad van de pensioenfondsen.”
Heel raar, maar daar hoor je nu ineens niemand meer over.
Draghi's klapperpistool
Maakt Mario Draghi nog indruk? Kan de Europese Centrale Bank nog wat doen? De economische vooruitzichten zijn magertjes en de twijfel over de mogelijkheden van de centrale bank slaan toe.
In de Litouwse hoofdstad kwam donderdag het bestuur van de ECB bijeen voor een reguliere rentevergadering. De grote vraag vooraf was: hoe reageert de centrale bank op de zwakkere vooruitzichten voor de Europese economie en voor de alsmaar laag blijven inflatie? Laat Mario Draghi een glimp van zijn monetaire kanon zien? Komt hij misschien zelfs al met nieuwe of hernieuwde stimuleringsmaatregelen?
Ja en nee, luidt het antwoord. Draghi heeft geen concreet nieuwe maatregel aangekondigd, maar hij probeerde wel degelijk indruk te maken door te suggereren dat het ECB-bestuur van alles achter de hand heeft. Daardoor vergeleek menig analist zijn woorden deze week met die uit 2012 toen hij met één zinnetje (ik zal alles doen om de euro te redden, ’whatever it takes’) alles veranderde.
European Central Bank
Draghi: Several members of the Governing Council raised the possibility of rate cuts, others the possibility of restarting the APP or the extension of forward guidance
2:57 PM - 6 Jun 2019
De ECB-president zei openlijk dat sommige bestuursleden nu al hebben geopperd om de rente te verlagen. Andere bestuurders hebben gesuggereerd om het opkoopprogramma van (staats)obligaties weer op te starten. Dat zijn ferme beloften.
Maar hoe geloofwaardig is het nog? De euro steeg tijdens zijn persconferentie, terwijl dergelijke taal eigenlijk tot een afzwakking van de munt zou moeten leiden. De beurzen leken niet heel erg onder de indruk. Her en der werd al gesuggereerd dat de vertrekkende Draghi geen deuk in een pakje boter meer kan slaan.
De beleidsrente is al geruime tijd 0%. Die kan niet verder omlaag. De enige renteknop waaraan nog gedraaid kan worden is de zogeheten depositorente, dat is de vergoeding die banken krijgen voor het stallen van geld in Frankfurt. Die is -0,4% en kan in theorie nog verder negatief worden. Banken moeten betalen om hun geld bij de ECB onder te brengen en worden zo gestimuleerd om dat geld in de economie te steken in plaats van op de plank te leggen.
Dan het opkoopprogramma. Dat is weliswaar stilgezet, maar dat betekent niet dat er niks meer gebeurt. Op dit moment wordt al het geld van aflopende obligaties opnieuw geïnvesteerd. Daarmee blijft de balans van de centrale bank gelijk. Als met dat programma weer meer obligaties worden gekocht dan blaast de ECB haar eigen balans weer op en stimuleert zo de economie. Maar zijn er wel voldoende obligaties om op te kopen? En als er meer staatsschuld wordt gekocht, financiert de centrale bank dan niet de facto eurolanden?
Analisten reageerden sceptisch. Collega Dorinde Meuzelaar tekende op uit de mond van David Lafferty, hoofd beleggingsstrategie van Natixis Investment Managers:
“De ECB heeft al heel veel obligaties gekocht, en de rente is lager dan ooit. Op die manier is het aantrekkelijker geworden dan ooit om geld te lenen. Maar wat de centrale banken niet kunnen, is zorgen dat mensen daadwerkelijk geld lenen. (…) Het is als duwen tegen een touwtje.”
Toch is er wel echt iets gaande. Steeds meer analisten voorzien dat de Verenigde Staten ergens volgend jaar enkele kwartalen in een recessie terecht kunnen komen. En dat heeft repercussies voor Europa. De handelsspanningen tussen VS en China, de Brexit, gedoe in Italië, het telt allemaal op. De wereldhandel koelt al duidelijk af.
Rabo-econoom Elwin de Groot:
"Amerika komt in 2020 waarschijnlijk in een recessie terecht, een lichte recessie weliswaar, maar toch een recessie. De kans is aanzienlijk toegenomen dat Europa in zo'n Amerikaanse recessie wordt meegesleurd.”
De angst van belegger is zichtbaar in de tienjaarsrente. Die daalde in Duitsland al een tijdje geleden onder de 0%, in Nederland ging die vorige week door het nulpunt.
bron: Bloomberg
ING-econoom Bert Colijn:
“Afgelopen tijd gaat het economisch gezien best goed. Dan zou je verwachten dat de rente aantrekt. Maar toch is die nu snel naar het nulpunt gedaald. Dat komt omdat er veel risico’s in de economie zitten. Beleggers zoeken dan een veilige haven.”
Cadeau van Laura
Onbedoeld loste directeur Laura van Geest van het Centraal Planbureau het financiële probleem van dit kabinet op. Dankzij een fikse meevaller was er plotseling geld om op de vakbondseis in te gaan.
Bij het Centraal Planbureau zijn ze er een beetje verlegen mee dat ze ineens een ‘rol’ lijken te spelen in de pensioenonderhandelingen. Maar zo is het nu eenmaal. Eind dit jaar komen de rekenmeesters met een nieuwe vergrijzingsstudie. Regelmatig berekent het CPB opnieuw hoe het staat met de zogeheten houdbaarheid van de overheidsfinanciën. Is de begrotings vergrijzingsbestendig? Kunnen we ons collectieve voorzieningen op peil houden in het licht van de vergrijzing?
Het CPB meldt dat het de beschikking heeft over veel meer data voor de arbeidsparticipatie:
“In het nieuwe instrumentarium wordt naast leeftijd en geslacht nu ook expliciet rekening gehouden met wijzigingen in het aandeel van verschillende huishoudenstypes (onder andere het aandeel alleenstaanden), scholingsdeelname en migratieachtergrond, en worden recentere data gebruikt over de ontwikkeling van de arbeidsparticipatie.”
Geloof het of niet, maar deze extra gegevens leiden ineens tot een meevaller. De arbeidsparticipatie stijgt harder dan het CPB eerst kon berekenen. En dat is gunstig. Meer werkenden betekent meer belastinginkomsten en minder uitgaven aan toeslagen en uitkeringen. Het effect is zo groot dat de vergrijzingssom een plus vertoont van maar liefst 0,5% van het bruto binnenlands product (bbp). Dat klinkt als niet veel, maar de tragere opbouw van de AOW-leeftijd kost 0,4% van het bbp, dus je kunt nagaan wat de politieke impact is van deze meevaller.
Het CPB wijst erop dat deze berekening 'partieel’ is. Oftwel: dit is alleen het effect van die arbeidsparticipatie. Er kunnen in de verdere doorrekeningen ook nog tegenvallers zitten, dus kabinet, reken je niet rijk. Maar die gok wilde het kabinet uiteindelijk wel nemen.
Op 9 mei meldt het CPB aan ambtenaren van Algemene Zaken, Financiën en Sociale Zaken dat deze meevaller eraan kwam. Op 10 mei bevestigde de CPB-directeur dit mondeling bij ministers Wouter Koolmees (Sociale Zaken) en Wopke Hoekstra (Financiën).
Als Koolmees op woensdag 22 mei (daags voor Hemelvaart) voor het eerst een overleg heeft met alle vakbonds- en werkgeversvoorzitters doet hij een bod voor een andere koppeling tussen AOW-leeftijd en levensverwachting. Hij weet dan al dat hij deze meevaller heeft, de sociale partners weten nog van niks.
Het is echter niet evident dat hij het hele bedrag 'krijgt’ van collega Hoekstra. Op de finale onderhandelingsavond/nacht van afgelopen maandag moeten Rutte en Koolmees nachtelijke telefoontjes plegen met Hoekstra om voldoende miljarden te krijgen voor het allerlaatste bod.
Uit de reconstructie van collega Jorn Jonker en mij:
Koolmees en Rutte trekken zich terug met hun ambtenaren. „Ze zaten achter hun laptops met hun Excel-sheets te rekenen.” Hoekstra wordt die nacht er telefonisch bij gehaald, Rutte en Koolmees willen dat hij ze nog meer ruimte geeft. Alle fractievoorzitters van de coalitie worden gecontacteerd. „Ik zag tamelijk verhitte hoofden achter die laptops zitten.”
Adequate compensatie
Nu er een pensioenakkoord is, gaat iedereen er dan op vooruit? Nou, nee. De financiële gevolgen van de overgang naar een nieuw pensioenstelsel zijn nog helemaal niet ondervangen. Ondanks wat naïeve vakbonden ook zeggen.
Arend van Wijngaarden van vakcentrale CNV heeft lef:
“Een mijlpaal voor werkend Nederland. Met dit akkoord is een pensioengat van 10% voorkomen voor miljoenen Nederlanders. We zijn blij dat onze acties zin hebben gehad en het kabinet over de brug is gekomen.”
Pardon? Een pensioengat voorkomen?
Het persbericht vervolgt:
“Miljoenen Nederlanders liepen het risico op een pensioengat van 10% als de eerdere plannen van Koolmees uit november 2018 werkelijkheid zouden worden. Dit betekent duizenden euro’s minder pensioen voor veel werkenden. Het CNV heeft, met de andere vakbonden, hard ingezet om dit te voorkomen. Een adequate compensatie voor de afschaffing van de doorsneesystematiek was onze eis aan de onderhandelingstafel.  Van Wijngaarden: ‘Voor deze garantie hebben wij hard geknokt. Een grote winst ten opzichte van het voorstel in november.’”
Even lezen hoor wat er precies is afgesproken en hoeveel geld het kabinet inzet voor die ‘adequate compensatie’. Wat staat er in het pensioenakkoord?
“Voor de SER is het belangrijk dat de afschaffing van de doorsneesystematiek en de overgang op leeftijdsonafhankelijke premies op een evenwichtige en kostenneutrale manier worden doorgevoerd met adequate compensatie van de pensioenopbouw van de getroffen werknemers.
Zonder compensatie verslechtert het pensioenperspectief voor het overgrote deel van de deelnemers die nu pensioen opbouwen. Het zwaartepunt daarvan ligt bij deelnemers rond de 45 jaar. 
De SER vindt dat compensatie nodig is om te voorkomen dat bepaalde leeftijdscohorten (middengroep) onevenredig nadeel ondervinden.”
De Sociaal-Economische Raad vindt er van alles en nog wat van. De compensatie moet goed geregeld worden, vervolgens zet de SER een rij hoe dat zou kunnen, via de premies, via de buffers, maar hoe dit per pensioenfonds uitpakt, is allerminst duidelijk. Daar wordt door die fondsen nog steeds aan gerekend.
Verschillende pensioenfondsen hebben al aangegeven dat ze helemaal geen armslag hebben om dit te compenseren. Er gaat namelijk geen overheidsgeld bij, het moet uit de buffers of uit de premies komen.
Het gaat hierbij overigens om een maatregel die inhoudelijk zeer wenselijk is. Nu betalen jongeren en ouderen (procentueel) evenveel premie en krijgen daar (procentueel) evenveel pensioenopbouw voor. Maar die premies van jongeren renderen veel langer, dus eigenlijk zouden zij een hogere opbouw moeten krijgen. Doordat dat niet gebeurd betalen jongeren voor ouderen. Om het pensioen individueler te maken, gaat deze systematiek eruit.
Wie halverwege zijn loopbaan zit, grofweg de veertigers, heeft dan wel het nadeel gehad van de systematiek (te veel premie betaald) maar krijgt straks niet meer het voordeel (te weinig premie betaald). Dat is een herverdelingsvraagstuk, maar die post loopt wel op dit circa €60 miljard en mogelijke pensioengaten van 10%.
CNV-voorzitter Van Wijngaarden sprak eerder harde woorden:
“Wij hebben steeds tegen premier Rutte gezegd: wij gaan pas akkoord als we de specifieke berekeningen van alle pensioenfondsen hebben. Het kan niet zo zijn dat een paar miljoen Nederlanders de prijs gaan betalen omdat het kabinet per se die doorsneesystematiek wil afschaffen.”
Hij sprak toen nog van een 'D66-dogma’ en een rekening die het kabinet naar de sociale partners doorschoof. Inmiddels zijn die berekeningen van alle pensioenfondsen er nog niet. Maar de toon is inmiddels totaal gematigd. CNV is blij met het akkoord en kiest er nu voor om te geloven in papieren compensatiebeloften.
Podcast: 'Chaos dreigt bij nee tegen AOW-deal'
“Het is de week waarin eindelijk een pensioenakkoord werd bereikt. Maar we kunnen het beter een AOW-akkoord noemen, zegt verslaggever Martin Visser in de nieuwe podcast van DFT. Samen met Ertan Basekin van de DFT redactie analyseert hij of we nu blij moeten zijn met dit akkoord, en wat er gebeurt als zaterdag 15 juni de leden van de FNV toch tegen de deal stemmen?”
Luister de podcast hier (site), hier (iTunes) of hier (Spotify).
Hoe vond je deze editie?
Als je deze nieuwsbrief niet meer wilt ontvangen, dan kun je je hier afmelden.
Als deze nieuwsbrief doorgestuurd is en je wilt je aanmelden, klik dan hier.
Gemaakt door Martin Visser met Revue.